Ter Huurne BV
Zonwerend glas voor een lichtstraat kiezen

Zonwerend glas voor een lichtstraat kiezen

Zonwerend glas voor een lichtstraat beperkt de hoeveelheid zonnewarmte die via het dak binnenkomt. Of het geschikt is voor uw woning, hangt af van de ligging, de grootte van het glasvlak en het gebruik van de ruimte. Ook de samenhang met beglazing en isolatie telt mee. Zo bepaalt u welke uitvoering voldoende daglicht doorlaat en de opwarming van de ruimte beperkt.

wanneer is zonwerend glas verstandig?

Een lichtstraat vangt zonlicht op via het dak. Daardoor kan de ruimte opwarmen, vooral als het glas lange tijd direct zon krijgt. Zonwerend glas is geschikt wanneer u die warmte wilt beperken, bijvoorbeeld boven een serre, keuken of woonkamer die overdag veel wordt gebruikt.

De ligging geeft een eerste aanwijzing. Een lichtstraat op het zuiden of westen krijgt op zonnige dagen op andere momenten directe zon dan een lichtstraat op het noorden. Ook de dakvorm en helling bepalen hoe de zon het glas bereikt. Een groot glasoppervlak kan bovendien meer zonnewarmte binnenlaten dan een klein glasoppervlak.

Kijk daarom niet alleen naar de windrichting. Bomen, omliggende bebouwing en andere glaspartijen beïnvloeden hoeveel zon de ruimte bereikt. Bij een lichtstraat in de schaduw kan daglicht zwaarder wegen dan het weren van warmte. Krijgt de ruimte veel directe zon, dan is het beperken van opwarming belangrijker.

Hoe beperkt zonwerend glas de warmte?

Zonwerend glas houdt een deel van de zonnestraling tegen voordat die de ruimte bereikt. Dat gebeurt via een zonwerende laag in het glas. Er komt daardoor minder zonnewarmte doorheen dan bij glas zonder die laag. Zonwerend glas kan zo de opwarming onder de lichtstraat beperken.

Dat is iets anders dan isolatie. Isolerend glas beperkt warmteverlies van binnen naar buiten wanneer het buiten koud is. Zonwerend glas beperkt de warmte die door de zon naar binnen komt. Voor een lichtstraat in een verwarmde ruimte zijn beide eigenschappen van belang. Ter Huurne voert lichtstraten standaard uit met geïsoleerde aluminium profielen en HR++ veiligheidsbeglazing. Zonwerend glas is een aanvullende mogelijkheid die op de uitvoering moet worden afgestemd.

Zonwerend glas voorkomt oververhitting niet onder alle omstandigheden. Warmte kan ook via andere ramen binnenkomen. Apparaten in de ruimte geven eveneens warmte af. Bij een serre spelen bovendien de glazen gevels mee. De glaskeuze voor de lichtstraat moet daarom passen bij de volledige ruimte, niet alleen bij het dak.

Hoeveel daglicht blijft er binnenkomen?

Een lichtstraat met zonwerend glas laat nog steeds daglicht door. Hoeveel zichtbaar licht binnenkomt, verschilt per glassoort. Glas dat meer zonnewarmte tegenhoudt, kan ook minder daglicht doorlaten. De sterkste zonwering is daarom niet automatisch de beste keuze voor een ruimte die juist meer daglicht nodig heeft.

Bij de beoordeling van glas komen drie eigenschappen terug. Ze beschrijven elk een ander deel van de werking:

  • De g-waarde geeft aan welk deel van de zonne-energie door het glas naar binnen komt. Een lagere waarde betekent meer warmtewering.
  • De lichttransmissie geeft aan hoeveel zichtbaar licht het glas doorlaat. Die eigenschap helpt om het daglichteffect te beoordelen.
  • De U-waarde beschrijft hoe goed het glas warmteverlies beperkt. Deze waarde zegt niet rechtstreeks hoeveel zonnewarmte binnenkomt.

Vergelijk deze drie eigenschappen met elkaar. Een lage g-waarde kan passen bij een serre met veel zon, maar minder geschikt zijn voor een vertrek met weinig ander daglicht. Vraag ook hoe het glas er van binnen en buiten uitziet. De kleur en het uiterlijk verschillen per glassoort.

De ruimte bepaalt de juiste afweging

Het gebruik van de ruimte maakt verschil bij de glaskeuze. Onder een lichtstraat boven de eettafel wilt u op warme dagen kunnen zitten zonder dat de ruimte sterk opwarmt. Tegelijk moet de lichtstraat overdag voldoende licht brengen. In een serre met glazen gevels komt ook via die gevels zonnewarmte binnen.

Een keuze begint daarom bij de situatie in uw woning. Deze punten helpen om de gewenste uitvoering te bepalen:

  1. Breng in kaart wanneer de zon direct op de lichtstraat valt en wanneer er schaduw is.
  2. Bekijk hoeveel glas de ruimte verder heeft, waaronder ramen en eventuele gevelopeningen van de serre.
  3. Bepaal wat voor deze ruimte zwaarder weegt: minder zonnewarmte of zoveel mogelijk daglicht.
  4. Bespreek vervolgens welke beglazing en afmetingen bij de lichtstraat en de dakconstructie passen.

Zo kijkt u niet naar slechts één eigenschap van het glas. Een kleinere of anders geplaatste lichtstraat kan bijvoorbeeld een andere verhouding tussen daglicht en zonnewarmte geven. De woning en de gekozen dakvorm bepalen welke afmetingen en plaatsing mogelijk zijn.

Zonwering naast zonwerend glas

Krijgt de lichtstraat veel directe zon? Dan kunt u zonwering toevoegen aan zonwerend glas. Zonwerend glas houdt voortdurend een deel van de zonnewarmte tegen. Met regelbare zonwering kunt u op verschillende momenten de hoeveelheid direct licht aanpassen. De uitvoering van de lichtstraat bepaalt welke combinatie mogelijk is.

Geef bij het ontwerp aan of u ook zonwering wilt. Dan kan de plaats ervan worden afgestemd op het glasvlak en de aluminium constructie. Ook het afvoeren van warmte uit de ruimte verdient aandacht. Glas dat minder zonnewarmte doorlaat, voert warmte die al binnen is namelijk niet af.

Aluminium zadeldaklichtstraat boven een keuken, geïntegreerd in het plafond voor extra daglicht in de leefruimte.

Een lichtstraat afgestemd op uw woning

Ter Huurne ontwerpt, produceert en monteert aluminium lichtstraten op maat. Daarbij worden de afmetingen, dakvorm, beglazing en aansluiting op de woning op elkaar afgestemd. Wilt u weten of zonwerend glas past bij uw serre of uitbouw? Vraag een prijsopgave aan voor een geïsoleerde aluminium lichtstraat. U krijgt dan een voorstel dat rekening houdt met de hoeveelheid daglicht en zonnewarmte in uw situatie.

Veel gestelde vragen

Voor een aluminium lichtstraat van Ter Huurne past zonwerend HR++ veiligheidsglas doorgaans het beste, met een lage U-waarde en een g-waarde afgestemd op de oriëntatie. Bij grote, onbeschaduwde lichtstraten op het zuiden of westen is een lagere g-waarde wenselijk; aan de noordzijde kan een hogere lichttransmissie belangrijker zijn. Combineer het glas bij sterke zonbelasting bij voorkeur met buitenzonwering en goede ventilatie.
Er is geen vast percentage: dit verschilt per type zonwerend glas. Vergelijk de g-waarde met standaardglas voor de doorgelaten zonnewarmte en de Lt-waarde voor het doorgelaten zonlicht; hoe lager deze waarden, hoe meer warmte en licht het glas tegenhoudt. De exacte percentages staan in de productspecificaties van de beglazing.
Ja, zonwerend glas houdt zonnewarmte tegen, terwijl het natuurlijke daglicht grotendeels behouden blijft. De exacte hoeveelheid licht hangt af van de lichttransmissie (Lt), coating, glasoppervlakte en oriëntatie. Kies daarom een glasvariant die warmtewering en daglichttoetreding goed in balans brengt.
Zonwerend glas hoeft het isolerend vermogen niet te verminderen: met HR++ of triple glas en een lage U-waarde blijft warmteverlies in de winter beperkt. Door de lagere g-waarde komt echter minder passieve zonnewarmte binnen, waardoor de ruimte op zonnige winterdagen minder gratis opwarmt en soms koeler of donkerder aanvoelt. Het winterse wooncomfort hangt daarom af van een goede balans tussen U-waarde, zonwering, lichttransmissie en de kwaliteit van profielen en aansluitingen.